Week 15: De Camino deel I…

12 april. Eindelijk!

We hebben een goeie vlucht gehad. Lekker yahtzee gespeeld totdat ik een dobbelsteen liet vallen. Nou is de stoelruimte dermate klein dat je ook niet uitgebreid kan bukken om te zoeken. Ik heb maar even aan mijn voor-en achterburen gevraagd of ze even mee wilden zoeken maar ook zij konden de dobbelsteen niet vinden. Gelukkig rolde de steen tijdens de landing naar voren, dus kon mijn voorbuurman de dobbelsteen teruggeven en dat is maar goed ook want anders konden mn moeder en ik de rest van onze Camino niet meer dobbelen.

Bij aankomst in Porto met de metro naar het centrum en verder lopend naar ons hotel. Nadat we er (blijkbaar) 3x voorbij zijn gelopen en onze eerste kilometers bergop en bergaf hebben afgelegd, konden we eindelijk inchecken. Prima hotel voor mini-mensjes, als ik 10cm kleiner was geweest hadden mijn voeten ook in bed gepast.

13 april: van Porto via Nine (overstap van een uur dus maar even een yahtzeetje gespeeld) naar Barcelos. We kennen natuurlijk allemaal die haan als symbool van Portugal. Maar wist je dat die haan uit Barcelos komt? Er hoort een legende bij en die is als volgt:

“Op een dag in de 17e eeuw werd er zilver gestolen van een landeigenaar. Een bedevaartganger onderweg naar Santiago de Compostella wordt als schuldige aangewezen. Deze ontkent maar wordt wel schuldig bevonden en ter dood veroordeeld. Hij vraagt of hij de rechter thuis mag bezoeken. De rechter blijkt aan een maaltijd te zitten en de veroordeelde wijst naar een geroosterde haan op tafel. Hij vertelt dat de haan zal gaan kraaien op het moment dat hij opgehangen wordt en dat hij daarmee zijn onschuld zal bewijzen. De rechter besluit hierop de haan niet meer te eten. Wanneer de man wordt opgehangen begint de haan te kraaien. De rechter ziet zijn fout in en rent naar de galg maar is net te laat. De man heeft het echter toch overleefd doordat de knoop het niet gehouden heeft.” (Bron: Wikipedia)

Bij het pelgrimskantoor onze stempel gehaald en we hebben daarna onze weg vervolgd naar Valença waar we op zoek gingen naar een Albergue (herberg/hostel/pure armoe). We zagen de Albergue en toen we er 5 meter vandaan waren, werden we snel ingehaald door een onbeschofte lul. Hij riep nog naar 2 meiden die blijkbaar met hem op liepen dat hij in ieder geval een slaapplaats had. WTF? Ik dacht eerst nog dat hij een grapje maakte totdat hij echt voor mijn moeder en mij naar binnen ging en vroeg hoeveel slaapplaatsen er nog waren. Nadat hij hoorde dat er genoeg vrij waren, zei hij tegen ons dat we wel voor mochten. Echt, ik had ‘m een elleboogstoot willen geven zodat zijn oog dezelfde kleuren zou krijgen als het Camino teken (blauw/geel) maar dat is niet conform de pelgrimsregels. Als ik die meiden was geweest had ik echt niet met zo’n lullo willen oplopen.

Anyway, snel een stapelbed opgezocht, spullen gedumpt en op zoek naar avondeten. We zaten vlak bij het fort van Valença waar toevallig een foodfestival bezig was. Even lekker rongelopen, broodje warm vlees gegeten (zonder het bovenkantje van het broodje paste het net in mijn walnootmaagje) en vervolgens weer terug naar de Albergue voor onze eerste nacht in een herberg. Behalve de lucht van stinkvoeten, het gesnurk om je heen, alles is klam en ruzie met mijn slaapzak, heb ik prima geslapen.

14 april: Voor 9am moet je de Albergue verlaten dus eerst onze stempel gehaald en toen alweer vroeg op pad. De route is gemakkelijk te zien want want je moet gewoon de gele pijlen volgen. Een soort spoorzoekertje voor pelgrims 😁

We werden via het fort geloodst waar we eerst even gingen ontbijten. Daarna de route vervolgen en zo verlieten we Portugal en kwamen we aan in Tui, Spanje. Tijd voor een korte break dus even een stempel gehaald en toen gingen we weer verder met spoorzoekertje, oftewel de Camino pijlen volgen.

De route ging licht heuvel op- en afwaarts dus dat was goed te doen. Op die manier liepen we ongemerkt naar O Porriño, zo’n 20km bij elkaar. Koffie- en stempel break en via booking.com een slaapplaats gezocht.

We hebben overnacht in Hostel Expo waar de eigenaren ontzettend gastvrij waren. Ze hebben ook nog heerlijk voor ons gekookt. De kamer was superschoon en de douche was geweldig, wel een beetje klein. Als je shampoo in je haar wil smeren, stoot je je ellebogen tegen de muren en/of deur. Benen scheren was al helemaal onmogelijk 😂

15 april: Stempel gescoord bij Hostel Expo en weer vroeg op pad. We liepen vanaf O Porriño via Mos naar Redondela. Dit was afzien hoor. De route ging heel steil omhoog wat heel zwaar was. Vervolgens weer supersteil omlaag wat (heel onverwacht) nog veel zwaarder was dan omhoog lopen. Mijn voet begint inmiddels echt pijn te doen en mijn blaar formaat Texel is ook weer teruggekeerd. Net toen ik dacht dat ik geen stap meer kon zetten, vonden we een Albergue langs de route met de meest fantastische stapelbedden. Maar misschien ligt alles inmiddels wel heel lekker want we zijn kapot.

Tot nu toe is het een geweldige vakantie. Het enige waar je aan hoeft te denken is aan een slaapplaats voor de nacht, hoe groot de blaar nu is, waar ik mijn voet neerzet en dat we genoeg eten/drinken. De enige “stress” die we hier ondervinden is het verkrijgen van genoeg stempels. Je moet er minimaal 3 op een dag hebben maar als je moe bent en even ergens koffie gaat drinken, is het makkelijk om die rotstempel te vergeten te vragen.

Toch ben ik tijdens deze vakantie tot nu toe al heel Zen geworden en heb ik dadelijk mijn aureool en vleugels echt verdiend.

Tot zo ver onze Camino. Volgende week meer 🙂

2 gedachten over “Week 15: De Camino deel I…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s